Filter op
Terug naar overzicht

Van de Hoed en de Rand: de chocoliefdes geschiedenis

Tijdens YFM Academiedagen borrelen er weleens vragen op in discussies. Vragen, waar op dat moment geen tijd voor is om het antwoord te achterhalen. Jammer, want zo missen we essentiële kennis. Maarten Kuiper (historicus, programmamaker en oud-YFM academicus) werpt zich daarom op als Willem Wever en gaat op onderzoek uit. Hij wil van de hoed en de rand weten.

Tijdens de Academiedag over Handel & Industrie vroegen we ons af waarom de cacaohaven van Nederland zich rondom Amsterdam bevindt, en niet in een ander land, of waarom niet in Rotterdam? Maarten dook de archieven in en kwam met het volgende antwoord.

Waarom is de grootste cacaohaven in Amsterdam, en niet in een ander land of in Rotterdam?
Dat is een goede vraag. Of eigenlijk twee goede vragen, met één lang en één kort antwoord. Waarom Nederland en niet een ander land? Dat heeft vooral te maken met wáár de opbloei van cacaoverwerkingsindustrie plaatsvond, vooral dankzij één Amsterdammer en twéé innovaties. De Europese chocoliefdesgeschiedenis begint in 1492. Net als veel dingen die wij nu smakelijk en vanzelfsprekend vinden, is de cacaoboon in eerste instantie uit bloedende handen van een bevolkingsgroep aan de andere kant van de wereld gesleurd, en aan een kleine elite in Europa ‘geschonken’. Onderdeel van de Columbian Exchange, zoals historici dat lieflijk plegen te noemen.

Cacaoboon bereikt Nederland in zilvervloot
De Nederlandse chocoliefdesgeschiedenis begint met de Tachtigjarige Oorlog. Na de opstand tegen de Spaanse overheerser verwerft met name het gewest Holland een dominante handelspositie in Europa, mede dankzij een gunstige ligging op het knooppunt van de handel langs de Europese westkust naar het Iberisch schiereiland en de handel met het Oostzeegebied. De eerste cacaoboon bereikt in 1628 Nederlands grondgebied, volgens de overlevering aan boord van de door Piet Hein veroverde zilvervloot.

cacaoboon

Cacao als medicijn
Die eerste cacaoboon is dan eigenlijk nog niet zo boeiend. Peper, nootmuskaat, foelie, suiker, katoen, zijde, alles is interessanter dan cacao. Dat zal met productie, smaak en verzadiging te maken hebben. Cacaobonen wordt in de 17de eeuw geroosterd, gemalen en na toevoeging van bijvoorbeeld kaneel, vanille en suiker verwerkt tot chocoladedrank. Die drank staat bekend om z’n opwekkende kracht – later toegeschreven aan de stof theobromide – maar lag door het hoge vetgehalte zwaar op de maag. Het blijft daardoor lange tijd meer medicijn dan consumptie.

Van Houten opent eerste chocoladefabriekje
Tot Casparus van Houten ten tonele verschijnt, op gevorderde leeftijd, welteverstaan. Casparus van Houten sr., geboren en getogen in de Jordaan, is op zijn 45ste in zijn koffie- en theewinkeltje op de Leliegracht in Amsterdam begonnen met cacaobonen malen. Hij is niet de eerste die dat doet, er zijn dan al meerdere ‘chocoladefabriekjes’ in Amsterdam. Maar in 1828 is het van Houten die de manier ontdekt om cacaoboter en -massa van elkaar te scheiden, hetgeen leidt tot chocolade zoals we die tegenwoordig kennen. In een klein fabriekje, opgetrokken in zijn achtertuin, gebruikt hij een hydrolische pers waarmee 55% van het vetgehalte uit de geroosterde bonen is te verwijderen. De overgebleven cacaobrokken kunnen daarna makkelijk vermalen worden tot cacaopoeder.

 

 

Commerciële inzicht van Van Houten jr
Een tweede belangrijke innovatie van Van Houten is de bewerking van het cacaopoeder met alkalische zouten als kalium -en natriumcarbonaten, zodat het poeder makkelijker mengbaar wordt met water. Van Houten vraagt met succes een octrooi op dit proces aan, dat op 4 april 1828 wordt verleend door Koning Willem I. Het is echter het commerc
iële inzicht van Casparus van Houten jr. dat de familienaam tot een wereldwijd begrip maakt. Met inzet van reclamecampagnes op trams en in bioscopen groeit het merk tot wereldfaam. Tegenwoordig staat het gepatenteerde proces nog steeds bekend als ‘Dutching’.

D30-0038, 12-09-2003, 11:37, 8C, 3668x5282 (614+828), 88%, affischebasis, 1/120 s, R27.5, G8.8, B18.4

Cacao in zetpil en lippenstift
De tweede helft van de 19de eeuw wordt een bloeiperiode voor de cacao-industrie wereldwijd, met Amsterdam en omringende gebieden als Weesp en de Zaanstreek in het middelpunt. Daar worden stoommachines neergezet en grote fabrieken gebouwd. Cacao wordt een volksdrank, en er ontstaat een groeiende vraag naar andere chocoladelekkernijen. De bewerkte cacao wordt ook door de farmaceutische industrie en cosmeticabranche gebruikt. Cacao is namelijk goed bruikbaar als ‘smeermiddel’ in onder andere zetpillen en lippenstift.

Nederlandse merken worden overgenomen
Rond de eeuwwisseling zijn de voornaamste bedrijven: Van Houten in Weesp, Bensdorp in Amsterdam en Bussum, Korff in Amsterdam, Driessen in Rotterdam en Kwatta in Breda. Inmiddels zijn al die en andere bekende Nederlandse merken opgenomen in multinationals als Cargill en Barry Callebaut. Maar een aanzienlijk deel van de fabrieken staan en draaien nog steeds rondom Amsterdam.

Waarom Amsterdam in plaats van Rotterdam?
Dan nog het korte antwoord. Waarom zat die Van Houten in Amsterdam uit te vinden, en niet in Rotterdam? De simpelste verklaring is waarschijnlijk de juiste. Amsterdam werd na de Tachtigjarige Oorlog de belangrijkste handelsstad van de lage landen, sinds het die positie overnam van Antwerpen. Dat gold ook voor alle koloniale handel. Rotterdam begon pas aan zijn opmars in de tweede helft van de negentiende eeuw, vooral dankzij de opkomst van de staalindustrie in het Ruhrgebied. Daar was ijzererts voor nodig dat Rotterdam over de Rijn kon vervoeren.

cacao

Rotterdam bereikbaar door middel van doorgraving
Maar de stad had te kampen met slechte bereikbaarheid van de haven door de verzanding van de waterwegen. Pas in 1866 begon de aanleg van de Nieuwe Waterweg, die in 1872 af was. Voorheen had de haven geen rechtstreekse verbinding met zee, maar door middel van een doorgraving van duinen werd een verbinding gemaakt met de Noordzee. Met de aanleg van de Europoort en de Maasvlakte na de Tweede Wereldoorlog kon Rotterdam uitgroeien tot de grootste haven van de wereld. Maar dat was lang na de tijd van Caspar van Houten.

Bedankt voor de vraag, ik kijk uit naar de volgende!


Maarten Kuiper// Maarten Kuiper doorliep in 2015 de YFM Academie. Hij is historicus van huis uit, maar was ook programmamaker bij  bijvoorbeeld We Feed the Planet in Milaan en het Food Film Festival.
 Stiekem heeft hij de droom zich te specialiseren in voedselgeschiedenis. In deze rubriek Van de Hoed en de Rand alvast een voorproefje.

Door de site te te blijven gebruiken, gaat u akkoord met het gebruik van cookies. meer informatie

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies "om u de beste surfervaring mogelijk. Als u doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van uw cookie-instellingen of u klikt op "Accepteren" hieronder dan bent u akkoord met deze instellingen.

Sluiten